Hoe betrouwbaar is een IQ-test?

Een intelligentieonderzoek roept vaak vragen op. Hoe betrouwbaar is een IQ-test eigenlijk? Kun je iemands intelligentie wel vangen in een getal? En waarom kunnen de scores van verschillende tests soms van elkaar verschillen?

Deze vragen zijn heel begrijpelijk. Een IQ-score kan waardevolle informatie opleveren, maar het is belangrijk om te weten wat een intelligentietest wel en niet meet.

IQ-tests zijn wetenschappelijke meetinstrumenten

Moderne intelligentietests, zoals de WISC-V en de KIQT+, zijn ontwikkeld volgens wetenschappelijke en psychometrische richtlijnen. Voordat een test in de praktijk mag worden gebruikt, wordt uitgebreid onderzocht of de test daadwerkelijk meet wat deze beoogt te meten en of de resultaten voldoende betrouwbaar zijn.

Daarbij wordt gekeken naar zaken als:

  • betrouwbaarheid van de scores;
  • kwaliteit van de normgroepen;
  • validiteit van de test;
  • bruikbaarheid voor diagnostische besluitvorming.

Een goed ontwikkelde intelligentietest behoort tot de meest betrouwbare psychologische meetinstrumenten die beschikbaar zijn.

Waarom verschilt een IQ-score soms?

Veel mensen gaan ervan uit dat intelligentie een vast getal is. In werkelijkheid is een IQ-score altijd een schatting van iemands cognitieve mogelijkheden op het moment van onderzoek.

Factoren die invloed kunnen hebben op de score zijn bijvoorbeeld:

  • motivatie;
  • vermoeidheid;
  • spanning of faalangst;
  • perfectionisme;
  • concentratieproblemen;
  • aansluiting tussen de test en het kind.

Daarom wordt bij een professioneel onderzoek nooit uitsluitend gekeken naar de uiteindelijke IQ-score. Ook observaties tijdens het onderzoek zijn van grote waarde.

Een betrouwbaarheidsinterval

Bij iedere IQ-score hoort een betrouwbaarheidsinterval. Stel dat een kind een IQ-score van 130 behaalt. Dan betekent dit niet automatisch dat de “werkelijke” intelligentie exact 130 is.

De werkelijke score ligt waarschijnlijk binnen een bepaalde bandbreedte rondom die uitslag. Daarom vermelden psychologen doorgaans niet alleen een score, maar ook een betrouwbaarheidsinterval. Dit is vergelijkbaar met andere metingen in de gezondheidszorg. Ook een bloeddrukmeting of lengtemeting kent altijd een kleine meetonzekerheid.

Een IQ-test kan niet alles meten

Intelligieonderzoek geeft inzicht in cognitieve mogelijkheden, maar zegt niet alles over een kind. Eigenschappen zoals creativiteit, motivatie, doorzettingsvermogen, nieuwsgierigheid, sociale vaardigheden en emotionele ontwikkeling worden slechts beperkt of niet gemeten door een IQ-test. Twee kinderen met hetzelfde IQ kunnen daarom heel verschillend functioneren op school en in het dagelijks leven.

Een IQ-test is daarom bij voorkeur één onderdeel van een breder diagnostisch proces. Om een volledig beeld te krijgen wordt binnen Breinplus ook gekeken naar:

  • gesprekken met ouders;
  • ontwikkelingsgeschiedenis;
  • schoolinformatie;
  • observaties tijdens het onderzoek;
  • eventuele aanvullende vragenlijsten of onderzoeken.

Pas door al deze informatie samen te bekijken ontstaat een zorgvuldig beeld van de sterke kanten en ondersteuningsbehoeften van een kind.

 

Wil je jezelf of je kind aanmelden voor onderzoek of wilt u graag overleg?

Bel naar 06-48034300 (woensdag en vrijdag tussen 12.15 en 12.45) of stuur een e-mail naar info@breinplus.nl. Ik denk graag met u mee over welk onderzoek het beste aansluit bij uw vraag.